Myndr gaat naar school: ict als middel

Linda van Aalderen

Linda van Aalderen

Door de coronacrisis hebben de ICT-ontwikkelingen in het onderwijs een enorme vlucht genomen. De verschuiving naar online middelen was natuurlijk al gaande, maar nu kunnen scholen er gewoonweg niet meer omheen. Met deze nieuwe blogserie willen wij in kaart brengen wat leerkrachten eigenlijk vinden van alle digitale ontwikkelingen. Dus gaat myndr weer de schoolbanken in en luistert met aandacht naar wat leerkrachten tegenkomen op de weg die internetinnovatie heet.

Wat is ICT voor jou en hoe geven jullie het vorm op school?
‘ICT is een onwijs mooi middel, maar het moet wel een middel blijven’, vindt Peter van den Brandhof, bovenbouwleerkracht op obs De Toermalijn in Cothen. Na ervaring in de marketing en horeca staat hij inmiddels alweer elf jaar voor de klas.

‘Maar de kant van de ICT bleef ook kriebelen, helemaal omdat de ontwikkeling daarvan op onze school wat achterbleef. Om ook voor mezelf de uitdaging erin te houden, ben ik toen eerst op onze school en later voor de hele stichting de ICT-innovatie gaan initiëren. Het doel daarvan was het onderwijs te verrijken, handvatten te bieden voor leerkrachten en als je er echt handig mee bent kan het ook werkdrukverlagend gaan werken. Nu werken we stichtingbreed met één ICT-aanbieder en G-Suite van Google. Vanaf groep 3 heeft iedere leerling in principe beschikking over een Chromebook en voor de kleuters werken we met een roulatiesysteem. Er zit natuurlijk een lijn in hoeveel de leerlingen op hun Chromebook werken, in groep 3 is dat minder dan in groep 8. Ze moeten ook werken aan motorische vaardigheden en daarbij is schermtijd een factor waar we kritisch naar kijken.

Wat vind je van de hoeveelheid tijd die kinderen online besteden en hoe ga jij daarmee om?
Als ik zo even reken denk ik dat mijn leerlingen van de 5,5 uur dat ze op school zitten, 2 uur online bezig zijn. Ja, dat is veel, maar we leven wel in 2021. We zijn afhankelijk van schermpjes. Ik vind computational thinking (een van de 21th century skills, red.) daarbij echt belangrijk hoor, want je moet de kinderen leren omgaan met de informatie die voor hen toegankelijk is en ze moeten er zelf kritisch in kunnen zijn.
Het kan dus niet zo zijn dat op school alles dichtgetimmerd zit en thuis alles openstaat. Wel werken we via het portaal van Cloudwise, dus wat betreft sites waar ze niet thuishoren is de kop er wel af. Bovendien kan ik met de leerlingen meekijken. Maar eigenlijk doe ik dat niet zo. Het klinkt misschien naïef, maar ik leg de verantwoordelijkheid bij de kinderen zelf neer. Ze weten wat er van ze verlangd wordt en als ze zich daar niet aan houden komen ze zelf in de knoei. Dan krijgen ze hun werk niet af, of ze komen er inhoudelijk niet uit. Natuurlijk komt dat wel eens voor, en zie ik dat dan spreek ik ze aan op hun verantwoordelijkheid en ga met ze in gesprek als dat op dat moment kan. Ik geef ze niet keihard op hun sodemieter, want naar mijn idee werkt dat alleen maar averechts.

Kun je wat vertellen over welke plek internet in jouw lespraktijk inneemt?
Voor mij als leerkracht vind ik de grote voordelen van online lesmethodes dat het mij heel veel input geeft voor analyse. Ik kan goed monitoren waar mijn kinderen staan en wie er extra hulp of uitdaging nodig heeft. Digitaal werken maakt ook dat ik veel minder hoef na te kijken en dat de methode adaptief kan werken. Dat vind ik zo’n meerwaarde hebben dat ik zeg: we zijn gek als we het niet doen.
En als ik dan een leerling hoor zeggen ‘Hé, deel die presentatie even met mij, dan kijk ik daar vanavond nog naar en dan kunnen we morgen gewoon presenteren. Dan app ik je wel als ik klaar ben,’ dan vind ik het echt tof om te horen dat die gasten dus aan het samenwerken zijn, aan het plannen en organiseren en dat ze gebruik maken van de moderne middelen. Ik heb nu een groep die heel veel samen afspreekt en dan gaan ze dat programma van STUK-tv nadoen, Jachtseizoen. Dat is echt supercool. Dan spreken ze met een stuk of 14, 15 man af en zijn ze gewoon echt lekker buiten bezig. Ik heb ook een paar meiden in de klas en die zijn op Instagram heel actief met bedeltjes en armbandjes maken en verkopen. Dus die maken gebruik van media om hun creativiteit te kunnen delen. Dat is ook iets waar ik voor sta, het als middel gebruiken. Ik ben niet de ICT’er die gaat voor de technische snufjes, maar ik ga voor de toepassing in de klas.’