Zo leer je kinderen met internet omgaan (zonder ruzie en gedoe)

Interviews

Door Linda van Aalderen — 15 februari 2022

Roy van den Reek Bovenbouwleerkracht en kindercoach, basisschool BBS Antonius in Asten-Heusden.

Linksaf, rechtsaf, trappetje omhoog. Level 6, here I come. Snel! Ze zitten achter me aan! Nog even en dan ben ik bij de rode deur! Rennen! Rennen! Bijna…

Oh. Zwart scherm.

‘Nou heb je er lang genoeg achter gezeten, hoor.’
‘Maar mam! Ik was net zo ver!’

Als leerkracht of opvoeder ken je dit vast. Je wilt niet dat een kind te lang achter internet zit en maakt er dan abrupt een einde aan. Met als resultaat een boos en opstandig kind.

Handleiding gevraagd!

Bovenbouwleerkracht Roy van den Heek vindt die boosheid logisch. ‘Verplaats je maar eens in het kind, je zit net middenin je spel en dan gaat het ineens boem uit. Dan is het zo’n reactie toch volkomen te begrijpen?’

Maar wat is dan wel een goede manier om kinderen met internet en schermen om te leren gaan? vragen de meeste opvoeders zich vertwijfeld af. Het had een hoop gescheeld als ze bij de uitvinding van dat grote wijde web direct een handleiding hadden geschreven.

Volgens Roy zijn er helaas geen kant-en-klare regels. Het gaat volgens hem vooral om de houding die je als volwassene aanneemt. ‘Als je kinderen gaat controleren en veroordeelt wat ze doen, zetten ze gegarandeerd hun hakken in het zand. Wil je echt wat bereiken, dan moet je met kinderen in gesprek gaan. Je moet niet tegenover ze gaan staan, maar naast ze.’

Controleren hoeft niet

Meester Roy geeft les in de bovenbouw op een dorpsschool in het zuiden van het land. Hij heeft een heel eigen manier om met internet op school om te gaan. Zo zit hij op uitnodiging van de leerlingen in de groepsapp van zijn klas, al vinden sommige collega’s dat maar gek.

‘Ik bemoei me daar nergens mee en app zelden zelf. Ik grijp ook niet in als er vervelende appjes of gekke video’s worden gedeeld. Het geeft mij de mogelijkheid te kijken wat er speelt. Laatst kreeg een leerling in de app iets vervelends voor z’n kiezen. Toen kwam een ander voor hem op en schreef in de app: ‘Jongens, dat vind ik niet leuk’. Die heb ik op school op de schouder geklopt en gezegd: ‘Hé, ik zag je reactie in de app: goed gedaan.’ En dat is dan genoeg. Ik denk dat dat een goede manier is om kinderen te leren om te gaan met social media. Niet controlerend, maar coachend en begeleidend.’

©Linda van den Born

Laten zien hoe het werkt

Veel leerkrachten en ouders vinden het belangrijk dat kinderen een kritische houding leren als het om internet gaat. Daar kun je van alles over vertellen, maar Roy laat de kinderen liever zien wat er gebeurt.

‘Ik kreeg bijvoorbeeld laatst zo’n bekend whatsappje: ‘Hé pap, helaas is mijn telefoon in het water gevallen, echt heel stom. Ik ga een nieuwe kopen, zou je dit nummer op willen slaan?’ Mijn dochter is vier. Dus ik maakte een printscreen, liet het aan de klas zien en zei: ‘Jongens, wat moet ik hiermee?’ Uiteindelijk heb ik aangifte gedaan, maar de politie doet er helaas weinig tot niks mee.’

De leerlingen van Roy vonden het heel stom dat er niets met die aangifte gebeurde, omdat dat soort berichten wel heel gevaarlijk zijn. Maar dit is wel hoe het in de praktijk vaak gaat en daarom wil Roy dat kinderen zélf scherp leren zijn. ‘Omdat het bij hun meester gebeurt is de kans dat ze er zelf mee te maken krijgen ineens veel reëler voor ze.

Door kinderen zelf te laten denken en kijken, leer je ze kritisch en onderzoekend te zijn. Zodat ze vragen stellen als ze bijvoorbeeld iets googelen. Is dat wel de waarheid? Heb ik meerdere bronnen gecheckt? Ik wil dat ik ze dit zo vaak verteld heb, dat dat vragen stellen op een gegeven moment van nature gebeurt.’

Zelf verantwoordelijkheid kunnen nemen

Om kinderen zo’n onderzoekende en kritische houding aan te leren noemt Roy het eigenaarschap essentieel. Kinderen moeten voelen dat ze zelf invloed hebben.

‘Bij een akkefietje tussen leerlingen grijp ik niet meteen in, ik kijk eerst maar eens gewoon wat er gebeurt. Op de speelplaats, in de klas. Ze moeten het zelf maar aangaan en komen ze er niet uit of loopt het uit de hand, dan ben ik daar. En vervolgens laat ik ze zelf verwoorden: Wat was jouw aandeel? Wat had je anders kunnen doen?’

Roy vindt het belangrijk met kinderen te gesprekken voeren en ze te leren constant te reflecteren. ‘Dan leren kinderen dat wat zij doen invloed heeft. En dán kun je ze leren zelf verantwoordelijk te zijn.’

Die verantwoordelijkheid leer je kinderen ook door vertrouwen te geven. ‘Laatst hadden de meiden van ons vlogteam een mooi plan bedacht. Ze wilden na schooltijd graag een challenge met klasgenootjes opnemen. Ik zei direct: ‘Zeg maar wat je nodig hebt. Jij bent zelf verantwoordelijk.’

‘Door ze alle ruimte te geven maak je kinderen mondig. En mijn ervaring is dat kinderen dan ook voor zichzelf opkomen. Als ik een van mijn leerlingen ergens op aanspreek en het is onterecht in zijn ogen, dan komt hij na de les naar me toe. Omdat mijn leerlingen weten dat ze ertoe doen. En dat vind ik mooi. Dat is wat ik wil.’

Als kapitein op je eigen schip

Zelf-regulering lijkt het toverwoord. Dat is niet alleen wat Roy wil voor z’n leerlingen, dat is ook waar Myndr je als leerkracht en opvoeder graag bij wil helpen. Laat internet niet bepalen waar je aandacht naartoe gaat. Bepaal het lekker zelf.

Door Linda van Myndr